Een tropische verrassing op
slechts 4,5 uur vliegen! Waar ik het over heb? La Gomera behoort
niet tot de bekendste en toegankelijkste oorden en toch is het
een van de Canarische snoepjes. Het is het op 1 na kleinste (El
Hierro) ronde eiland en meet 378 km2. Het is ruig, heeft een
erg groen hart en is zoals alle Canarische eilanden vulkanisch
van oorsprong. De hoogste berg Garajonay (1487 m) is makkelijk
te tackelen' omdat je er met een auto al tot op grote hoogte
kunt komen. Het uitzicht naar alle uithoeken en richting Tenerife
met zijn karakteristieke vulkaan El Teide (let wel: Spanje's
hoogste berg!) is subliem. Je kunt trouwens (nog) niet rechtstreeks
op het eiland aanvliegen. Dat maakt zeker deel uit van de charme
want je brandende nieuwsgierigheid wordt wel even beproefd. De
normale ferry doet er 90 minuten over en zo doemt heel langzaam
La Gomera voor je op en fantaseer je over de verwachtingen...
Mogelijk valt de eerste aanblik een beetje tegen want groen is
de kustregio rond San Sebastian (2400 inwoners) allerminst! Het
kleine hoofdstadje is een oase van rust nadat je de hectische
drukte van Tenerife verlaten hebt. La Villa' is doorgaands
alleen een tussenstation waar het wel lekker is om bij te komen
in bijv. het park rondom 'Torre del Conde' waar de oogverblindende
bloemenpracht van Delonix regia indruk maakt. Ook van historisch
belang geweest aangezien hier waardevolle scheepsladingen opgeslagen
werden tijdens de zeevaartexpedities in de 15-16e eeuw. Columbus
liet hier ook zijn sporen na voor hij de grote oversteek over
de Atlantische Oceaan maakte. Na de korte stop volgt nog een
lange rit over kronkelende wegen door heel diverse vegetatiezones
naar de eindbestemming en dan zit er wel een dag reizen op! De
toeristen die voor La Gomera kiezen hebben vooral de rust en
wandelmogelijkheden ontdekt en Valle Gran Rey is een gezellige
uitvalsbasis waar je ook een duik in de frisse en onstuimige
oceaan kunt nemen. In de weelderige door laurierbomen gedomineerde
bossen slingert zich een goed geasfalteerde rondweg waar je slechts
af en toe een panoramische blik op de kust ontwaart. Regelmatig
vormen zich hier flarden van mist en is een mals buitje niet
uitgesloten. Dit is het nationale park: El Parque Nacional de
Garajonay, met recht een mistige mystieke wereld! Je vindt hier
nog intact oerbos. Dat in schril contrast met de kust waar het
in de regel veel droger is. Terug naar Valle Gran Rey. Dit kleinschalige
vakantieoord is het leukste plekje op het eiland en de entree
is steeds weer een openbaring. Vanaf de ringweg maak je een spectaculaire
daling door een kloof en vervolgens langs prachtige terrassencultuur
waar al eeuwen bananen en palmen gecultiveerd worden. Een aanblik
om nooit te vergeten! Bali lijkt opeens heel dichtbij want er
is een sterke gelijkenis met de Balinese sawa's en palmenpracht!
Vandaar de benaming Het Bali van de Canarische Eilanden'.
Een paradijs. Na 18 km kom je dan na een slingerparcours in het
vruchtbare dal aan de zeemonding. Na de eerste nacht was mijn
verbazing groot om 's morgens wakker te worden en te ervaren
hoe opgeslokt door de omringende bergen het voormalige vissersdorp
ligt. Het duurt namelijk even alvorens de zon doorprikt over
de steile rotskust. Het kleurrijke haventje is zondermeer een
bezoekje waard wat zich in de wijk Vueltas bevindt. De oude wijk
La Calera ligt wat hogerop tegen een steile bergflank en waar
je de beenspieren alvast kunt beproeven in de knusse straatjes.
Het zijn over het algemeen inspannende wandelingen met grote
hoogteverschillen. Plezierige inloopwandelingen zijn te vinden
rond Valle Gran Rey. Bezoek de waterval via de kloof Barranco
de Arruro', via een stenig pad langs succulenten als Euphorbia
canariensis, Opuntia's en palmen belandt je al snel in een jungle
van riet omdat je de opgedroogde loop van een rivierbedding volgt.
Hoog avontuurgehalte. De eeuwenoude drakenbloedboom Dracaeno
draco mag dan vergeleken met zijn grote broer, de oudste op Tenerife
is tot een icoon uitgegroeid, een jong blaadje' zijn maar
een bezoekje is beslist de moeite waard. Je bent er waarschijnlijk
alleen want het lijkt een vergeten oord. Een bijzondere attractie
is de tafelberg van Chipuda en de klim is een lonend uitstapje.
Tal van mooie paden lopen kriskras door het weelderige groen
en het gaat te ver hier op in te gaan. Voor een klassieker maak
ik nog een uitzondering voor de sterke benen: vanaf Mirador
de Pereza' loopt een pad steil naar beneden om via een geurig
bos vol langnaaldige Pinus canariensis weer op de hoofdweg te
komen. Afgezien van de natuurbeleving zijn er mooie dorpjes als
Vallehermosa en Agula omgeven door bananen. Merkwaardige rotsbulten
zullen je ook niet ontgaan vooral Roque Agando' kun je
niet missen.
Als je dan ook nog toevallig getuige bent van een feest als Corpus
Christi (juni) kan je vakantie niet meer stuk. La Gomera, inderdaad
een waar (wandel)paradijs!